|
PAUL GROOT Al die zinloos mooie clickable knoppen pagina 2/2 |
|||||||
|
Hoe vaak is niet betoogd dat de clickable
sfeer van de desktopformule dankzij de spraaktechnologie zijn
langste leven had gehad. Maar Gates heeft - naar het voorbeeld
van Mark Andressen en zijn Netscape Navigator - ons met de Internet
Explorer een extra decennium aan de desktop vastgeklonken. Heel
opmerkelijk, want gevoelig artistiek als Gates is, kon hij zich
tot voor kort het Net eigenlijk alleen als een veredelde huisbioscoop
voorstellen (1). Niet de chatboxes, niet de e-mail, niet
de groepssessies, maar de film stond hem als het ideale Internetmedium
voor ogen. En zolang er geen echte moviestream mogelijk was, kon
het met het Net niks worden. Maar nu die moviestream er zo ongeveer is, horen we Gates niet langer over de filmische sfeer spreken. Niet verwonderlijk, want de greep op het Net zou hem weer volledig ontgaan. Maar voor wie zich aan zijn invloed zou willen onttrekken, lijkt het filmnet nu net een ideale browser. Want waarom stuur je niet met een van die onvergankelijke filmische genres als aanjager gewoon de desktop definitief naar de prullenmand? Hebben we dan nooit genoeg van al die steeds mooiere clickable knoppen? (2) Je hoeft er maar een filmdictionaire op na te slaan om te zien hoe je zonder zelfs op het eerste gezicht van de desktop-interface af te wijken, plotseling in een heel andere omgeving kunt belanden die volkomen geknipt is voor je computer. Want de monitor is het ideale filmdoek. Je begint eerst nog onschuldig te browsen, maar al snel komt er een filmische sfeer te voorschijn als je via onverwachte roll-overs merkt hoe je links tot filmstroken worden en een eigen verhaal beginnen te vertellen. Je belandt in een ruimte die een montageruimte is, je hebt nu plotseling te maken met filmstroken die je invoegt of weggooit, en voor je het weet zit je in een spiegelzaal die al snel het binnenste van een filmcamera blijkt te zijn. En daar begint je werk als regisseur. Geen genre is er verkeerd gecast, je kunt er een zuiver technische affaire van maken (3). Het is ongetwijfeld nog veel leuker om er een filmische portrettengalerij van te maken, maar een tussenweg is die waarbij je sterren en techniek in evenwicht houdt (4). De computer als een technologisch en theoretisch cinematografisch domein, als een actueel en historisch medium, waarin de experimenten van Eisenstein hand in hand gaan met die van Richard Linklater. Maar alle combinaties zijn mogelijk. Een goed, maar uiterst toevallig voorbeeld is hoe Alain Delon en regisseur Jean-Pierre Melville in Le Samourai (1967) samenwerken. In die prachtige gangsterfilm is Delon, die hier zijn mooiste rol ooit neerzet, buiten het spannende verhaal om ook nog eens de aangever van geheel andere vertellingen. Bijvoorbeeld een waarbij Melville een mooie variatie, en tegelijk ook alternatief biedt voor de vensters van de desktop. Delon zet een gangster neer die tot in zijn tenen geconditioneerd is. Hij belichaamt de essentie van de Parijse onderwereld: tot in details gehoorzaamt hij aan de onbeschreven codes en ijzingwekkende regels van de Franse etiquette. Een robotachtige verschijning die, als we de film nu terugzien, onmiddellijk de gedachte aan de agent in het Net oproept. En dan duidelijk maakt hoe meesterlijk Melville gebruikmaakt van kaders in zijn beelden. Hij grossiert erin, letterlijk en figuurlijk. Kadreringen in alle soorten en maten, van de grote entrees van de nachtclubs tot de kleine onderdelen van een horloge. Van de letterlijke kaders tot de figuurlijk spirituele, associatief of concreet, uiteindelijk maakt dat niet uit. Melville voert jou en Delon in de straten van Parijs rond, maar tegelijk weet je je in een andere, veel geheimzinniger zoektocht. Van de ene naar een volgende scène voortgedreven, met oningeloste beloften als de grootste spanningsmakers -wat doen die portretten aan de wand, wat voor functie heeft die klok, waar ging het gesprek over waaraan hij refereert? - word je tegelijk meegevoerd op een geheel andere toer. Alsof je, zolang de film duurt, zelf als agent het Net doorkruist of misschien zelfs als een virtuele boodschap, als een zoekgeraakte e-mail door de onderwereld van Parijs dwaalt. Een zoektocht die, heb je die eenmaal achter de eerste laag van Melvilles en Delons verhaal ontdekt, in veel andere films ook herkenbaar wordt. Bijvoorbeeld in de road movies, waarvan de oneindige, naar verre horizonten zich uitstrekkende autowegen als onzekere links naar een nog onzekerder toekomst, als geschapen zijn voor het Net. Een koppel op zoek naar het geluk verdwaald op een road to nowhere. Stel je Jean-Paul Belmondo en Anna Karina in Jean-Luc Godards Pierrot le Fou, Keith Carradine en Shelley Duval in Thieves Like Us van Robert Altman, of misschien die ongelooflijke menselijke menagerie uit Gummo voor. Het maakt eigenlijk niet uit, als je de tekenen maar begrijpt. De film, vooral een onbekende database, zet een neural network uit, maakt een query en probeert het onbekende resultaat uit. En als de filmische, poëtische metaforen uitgewerkt zijn, zet je een volgende stap en gebruik je het Net eenvoudigweg als een montagekamer-pur-sang. De montagekamer als een grote Eisenstein-montage-box die met de technologie van Pixar vertrouwd is. Een grote instrumentenbox vol filmcamera's, afgedankte lenzen, futuristische zoekers en uitgespeelde sterren. Met een creatief gebruik van filmisch materiaal kun je het medium los van zijn eigen sfeer en van deze wereld maken, en van zichzelf vervreemden.
|
|
Verzin een ster en geef haar een naam, bijvoorbeeld Fingered & Sombrest
Leuk om haar zo een mooi verleden te geven,
maar je kunt haar net zo goed juist aan de beperkingen van de
browser onttrekken door die klikkende omgeving in het licht van
een deep focus te zetten. Nadat je haar hebt doen stralen
in een verleidelijke soft focus, bepaal je haar positie
vervolgens in een uitgebreide scène met voor-, midden en
achtergrond. Niet een verzameling beeldbepalende individuele shots,
maar een mise-en-scène waar alles tegelijk in verwerkt
is. Zoals eerder in Orson Welles' Citizen Kane de deep
focus als het ware vereeuwigd is als beeld voor de gedrukte
massamedia, kan ze nu hier staan voor de digitale informatieoverdracht.
Maar net zo goed is ze beschikbaar om juist de individuele psychologie
van Fingered & Sombrest te tonen. We geven haar een andere
identiteit en plaatsen haar in stationaire beelden, met veel deep
focus en laten het monteren liever imaginair aan de kijker
over. Dan kan het gebeuren dat Fingered & Sombrest verschijnt
als een als actrice bij Yasujiro Ozu, in beeld gebracht met de
lage blik van een Japanner knielend op de mat. Of de deep focus
met aangepast licht, met veel schaduwen erin verwerkt om alles
een veel luguberder sfeer te geven. De ambiguïteit die hieruit
voortkomt, metaforisch of poëtisch, praktisch of niet, daar
gaat het om.
Liever de dreigende sfeer van een onbekende
wereld dan de narcistische kliksfeer. Klikgedrag, de term die
precies de armoede van de browser uitdrukt, moet worden omgezet
in een letterlijk toe te passen metafoor. Bijvoorbeeld een driedimensionale
aanpak waarbij je in een hologramstructuur belandt, helder en
diep van veld. De interferentie van lichtstralen vertaald in de
interferentie van de links, tegelijk verbonden met een fuzzy-logic
tool om er een echte gedichtenmachine in de derde dimensie
van te maken, als de natuurlijke opvolger van de search engines.
Fingered & Sombrest als de grande dame van een nieuwe poëtica
die, omringd door software die klinkt als een Dolby geluidssysteem
met surround soundspeakers en subwoofers, zo de search
engine verder uit balans brengt.
Want zonder sterren, zonder seksuele uitdaging,
zonder de lichamelijke schoonheid, geen film. De filmster als
het ultieme model dat een vervreemding op gang brengt in onze
perceptie van het Web. Fingered & Sombrest geeft ons wel een
mooie preview, zonder dat meteen duidelijk is hoe dit model in
de praktijk zal werken. Stel je haar voor als een agent in de
gemetamorfoseerde browser en pas op haar alle mogelijke technieken
toe. Gebruik haar om haar parallel gecut, switchend tussen een
of meer verwante acties op uiteenlopende plekken te doen verschijnen.
En presenteer je filmische en verbale tocht door de trash van
het Net als een fotosoap.
|
|
Wat er gebeurt als de message het medium
inpalmt
Wat valt er op het eerste gezicht aan haar
op? Ze is lang en mager en op de foto waarin ze verschijnt, draagt
ze een ravissant mooie jurk met jaguar-patroon. Ze lijkt zoals
ze daar half op een mooi tapijt ligt, altijd nog sneller dan de
twee jaguars die attent, maar toch luierend op een boomtak op
het tapijt staan afgebeeld. Is ze zojuist vermoeid thuisgekomen,
heeft ze iets beroerds meegemaakt, of is ze een door miljoenen
gelezen schrijfster die over de volgende passage in haar nieuwe
roman nadenkt? Is dat pistool een gadget of heeft ze er zojuist
onwelkome indringers mee haar huis uitgejaagd? Een overwinnaar,
of is ze een slachtoffer van een haar noodlottig geworden avontuur?
Een ding is duidelijk, wat je ook van haar
denkt, ze is de hoofdrolspeler in een oneindige reeks verhalen.
La Cinca I.A. is de wereld van vandaag en morgen, een utopie die
tegelijk een a-topie is, waarin het vliegveld naar welks
vliegroosters haar leven ingericht is, alle vliegvelden ter wereld
zijn. En ze mag dan in een airway-story verschijnen, haar avontuur
is net zo goed een ouderwetse road movie als een futuristische
ruimtevaart. Want het is een avontuur in foto en tekst waarvan
je de verhaallijnen en de afloop voornamelijk zelf moet verzinnen.
Niemand die haar tegenkomt en gezien heeft kan meer om haar heen.
Je vergeet haar niet zo gauw, mede ook omdat haar rol niet echt
gedefinieerd wordt. Ze verschijnt en verdwijnt in Hoofdstuk vier,
locatie 4, Ricardo's Dining Room, maar wat zegt dat alles?
Hoe diep is haar involvement in dit geheimzinnige boekje, in welke
rol herkent ze zich zelf het best? Het is alsof deze fotoroman
geen rechtlijnig verhaal wil vertellen, alleen aanwijzingen aanreikt
en de lezer aan zijn lot overlaat. Of hem zijn eigen verhaal wil
laten. Als dat zo is, dan is Fingered & Sombrest voor mij
de ideale hoofdrol. Ze geeft aan al die andere opduikende figuren
plotseling zin en betekenis. Rondom haar weef je zonder veel moeite
een echte detective, met hedendaagse, in de trend van James Bond
getoonzette avonturen. Dit avontuur is er een van vliegvelden
en Concordes, van GSMetjes en Internet, van supersnelle auto's
en, vooral digitale manipulatie. Een futuristische, niet eenduidige
roman, maar een uit losse onderdelen geknipte en geplakte suggestieve
vertelling, waarin Fingered & Sombrest aan de aanvankelijk
niet altijd helemaal duidelijke vertelling plotseling vorm geeft.
Eerst is er dat vervreemdende gevoel wanneer je je op een nieuw
terrein beweegt waar je de regels nog niet van kent. Maar als
zij verschijnt, valt alles op z'n plaats. Niet dat de vervreemding
verdwijnt, integendeel, het is alsof ze zich verdiept aan de hand
van haar verschijnen. De door Beyer en Buxó zichtbaar gebruikte
manipulatie is plotseling geloofwaardig, krijgt een levendige
creatief-artistieke betekenis.
Wat ooit een beeldmontage was, heet voortaan
lacincaiaren. De knip- en plakmethode in een stadium voorbij
aan de collage, voorbij aan Photoshop (hoewel misschien nog gebruikt
als tool), residerend als een 21ste-eeuws verschijnsel. En in
een kennelijke staat van opwinding die vergelijkbaar is met de
opwinding uit vroeger jaren toen Roland Barthes en Susan Sontag
met hun essays de toenmalige esthetiek verwoordden, hebben Beyer
en Buxó in La Cinca I.A. de komende foto-esthetiek
vorm gegeven. Sontag en Barthes beschreven de kunst van Riefenstahl
en van de Citroën DS, de godin onder de auto's, en gaven
de fotoreceptie gestalte. Inmiddels is de analoge foto geschiedenis,
en wordt de digitale foto geperfectioneerd. En in handen van Beyer
en Buxó krijgt ze een definitief kader. Niet in een essayistische
beschrijving, maar visueel-textueel in een data-basale vorm. In
de gedaante van Fingered & Sombrest als de geapproprieerde
ster die de fotoanalyse van de volgende eeuw in werking stelt.
Des te opmerkelijker omdat ze, ontleend aan een parfumreclame,
vooral analoog oogt en ook als foto bedoeld, toch hier boodschapper
van de nieuwe ontwikkeling is. Zoals de typisch hedendaagse culturele
vervreemding nergens zo mooi zichtbaar wordt als in de emulatie
van de uiteenlopende computerbiossen op elkaars platformen, zo
is dit analoge beeld in de digitale tijd het ontregelende model
ervan. Ze speelt een geheimzinnige rol in een al even geheimzinnige
fotosoap, waar de aan het Web ontleende fragmenten als een methodische
intentieverklaring zijn gebruikt. Fingered & Sombrest draagt
de geheimzinnigheid van Deneuve, de seks van Monroe, de stakerigheid
van het anorexia-model onmiddellijk over aan het medium zelf.
Daarbij geeft een grote mate van kitsch deze fotosoap de noodzakelijke
voorspelbaarheid en een niet te achterhalen vertrouwelijkheid.
En is er het paradoxale beeld dat de komende esthetiek van het
Net door een betrekkelijk vertrouwd medium, foto op papier, tekst
en fotomontage, scherp neerzet. Want met Fingered & Sombrest
en haar collega's geven Beyer en Buxó niet alleen de gestalten
van het volgende decennium vorm - zoals Rineke Dijkstra die van
ons decennium vorm gaf -, maar doen ze dat tevens voor een medium
waarin deze gestalten niet eens verschijnen. Dijkstra's modellen
zijn exemplarisch doordat ze, onbewogen als ze lijken op die foto's,
zichtbaar in een openstaande ruimte bewegen die zich tussen leven
en baan, tussen openbaar en privé uitstrekt. En voortdurend
struikelend, vallend, zich verwondend, en uiteindelijk toch weer
meester over zichzelf, erin slagen zichzelf te zijn. Met Fingered
& Sombrest is iets dergelijks aan de hand. Hoewel een papieren
gestalte, probeert ze zichzelf te zijn door niet zichzelf, zelfs
niet het medium waarin ze straalt, maar iets anders dan dat te
vertegenwoordigen. De structuur is opmerkelijk, hoewel ze toch
alleen een gemanipuleerde ster uit een fotosoap lijkt.
Ook haar medespelers in La Cinca I.A.
rammelen aan de traditionele opvattingen van vorm en inhoud. Zoals
dat omhoogkijkende jongetje met die zakenman op de achtergrond,
met een Chesterfield als getuige van een onbeschreven drama. Of
de neus van dat vliegtuig die als een pijl op een boog ieder ogenblik
lijkt te kunnen wegschieten. De elementair narratieve spanning
brengt niet alleen op papier een signaal van het Net. De uitstraling
hier laat de MacLuhiaanse boodschap van medium en message
ver achter zich. Niet de zoveelste vorm van rollenspel, maar eenvoudigweg
een onherkenbaar geworden tegenstelling, opgelost in een niets
van betekenis. Want de spanning tussen afbeelding en het afgebeelde,
tussen privé en openbaar, tussen beeld en tekst, tussen
echt en gespeeld doet hier niet meer terzake. Immer alles verschijnt
en beweegt zich in een fotosoap, een heel gevestigd genre, maar
het medium waarover ze uitspraken doet en die haar echte wereld
is, is het Net. Vorm en inhoud, medium en message
hebben hier geen vat op. De manier waarop de spelers zich tussen
waarheid en leugen, tussen het stoere zelf of het leugenachtige
afgebeelde bewegen is nog ongeformuleerd. Alles wat ze dan ook
aan rationele en emotionele sfeer uitstralen heeft daarop betrekking.
Buiten het Net kom je tot leven, dat is de
vervreemdende wereld van het Net.
|
|
Fingered & Sombrest's beperkingen als haar geheime kracht
Hoe komt dat?
Misschien omdat ze juist in die papieren
beperkingen haar ware kracht toont. Zolang ze op het Net haar
potentiële beloftes nog niet heeft waargemaakt - gerealiseerd
in een snelle en efficiënte beeld- en geluidsoverdracht -
blijft de papieren Fingered & Sombrest het boegbeeld van het
Web. In haar beperkte, maar effectief papieren bestaan als een
opwindende filmster zet ze het onontwikkelde Net metaforisch in
een filmnet om. Dankzij de vervreemding van Fingered & Sombrest
kan het al zijn onvervulde beloften waarmaken en een gedoogbestaan
leiden. In de almaar voortdurende euforie van het Net, met al
die (on)verwachte wisselingen en omschakelingen, kunnen de dubbelzinnige
mogelijkheden worden uitgebuit. Dit medium-zonder-verleden is
dubbel- en veelzijdig, en heeft tijd genoeg om zich ooit eens
een eigen identiteit aan te schaffen.
De spelers van deze fotosoap geven niks om
een narratieve context, een bredere samenhang, ook al beseffen
ze dat er ergens iets te begrijpen moet zijn, maar waar en hoe?
Het zal hen een zorg zijn of ze uitsluitend in digitale beelden
leven, dan wel als reproductie van echt menselijk leven gezien
worden. De vraag of ze als gemanipuleerde wezens van een toekomstige
orde werkelijk levende gestalten of een futuristische beeldvorming
zijn, raakt hen niet. De tijdelijk narratieve context maakt ze
in zekere zin eerder onzichtbaar dan dat ze opvallen. Ze zijn
dan wel zichtbaar voor wie gewoon is narratief te denken, maar
tegelijk zijn ze in zekere zin onzichtbaar voor veel andere manieren
van kijken. Zij zijn van het Net gehaald en op sensitieve manier
bij elkaar gebracht. Maar op het Net zijn ze een onder velen;
op papier gedrukt belichamen ze de paradox dat wat op het Net
zelf trash is, daarbuiten de meest opwindende state of the
art ervan vertegenwoordigt. De spelers van La Cinca I.A.
hebben nog even de tijd, hoewel de beperkte experimenten van hun
omgeving wel heel snel aan het veranderen zijn
|
|
De mathematische formule of het alchemistische
als symbool?
Je hebt tijd nodig om het Net van zichzelf
te vervreemden en zo zijn kwaliteiten beter onder ogen te krijgen.
Leer het medium niet zichzelf te zijn, neem afstand van zijn huidige
bespelers en gun daartoe het Net voorlopig een geïmproviseerd
twee-dimensionaal bestaan in de metafoor en de allegorie. Zet
hem naakt te kijken, neem hem van alle kanten onder ogen, en onttrek
hem aan zichzelf en aan Microsoft en Bill Gates. Laat daartoe
alle metaforen en allegorieën op hem los, zoals Beyer en
Buxó doen. Fingered & Sombrest verslapt de houdgreep
van de al even simpel effectieve, als beklagenswaardig gruwelijk
eenzijdige klikcultuur. Haar verschuivende inzet zorgt als vanzelf
voor een steeds afwisselender toepassing. Het jargon en de methodiek
van de webbrowser kun je met een wat gedistingeerder terminologie
afwisselen. Kennelijk zit de truc in het vervreemden van de toepassing.
Juist in het vervreemden van een medium dat nog niet eens een
eigen identiteit gevonden heeft, kun je hem als het ware bewust
maken van zichzelf.
The proof of the pudding is in eating
it. |
|
|
|
|
|
|
|
Noten: 1 Over Gates' artistieke in- en aspiraties, zie PAUL GROOT 'Andy Warhol and Bill Gates, Visions of a seminal artist in the form of the richest man in America' in: Flash Art, Vol. XXX, nr.192, 67-69 ^ 2 Voor de mooiste knoppen ter wereld, die van Bas Ording, zie INE POPPE 'Finger on the Button' in: If/Then,Vol 1, nr. 1, 258-259 ^ 3 Ideaal uitgangspunt voor dit experiment is ongetwijfeld IRA KONINGSBERG The Complete Film Dictionary Bloomsbury 1997, een encyclopedisch opgezette filmgeschiedenis niet aan de hand van de artistieke, maar de technische innovaties van het medium ^ 4 Zie de opzet zoals je die vindt bij PETER WOLLEN Signs and Meaning in the Cinema Bloomington/London 1972 ^ 5 MIKLÓS BEYER en THOMAS BUXÓ La Cinca I.A. Amsterdam 1998, ISBN 90 9012304 0 ^
|